Achtergrond | Paarden

Snel infectie bij verwondingen aan benen paard

Wonden komen bij paarden zeer regelmatig voor. Door stoeien met een ander paard, vallen, scherpe voorwerpen in en om de stal en ga zo maar door. In heel veel gevallen is tussenkomst van een dierenarts noodzakelijk. Zeker bij verwondingen aan de benen kan er snel een infectie optreden.
Door Erica van den Broek, dierenarts bij Paardendokters in Zwaanshoek
Genezing van wonden zonder diergeneeskundige hulp zal langer duren en met vaak een lelijk litteken als resultaat, of zelfs blijvende kreupelheid. Om het mooiste en beste resultaat te krijgen is het belangrijk kennis van wonden en hun behandeling te hebben.

banner

Soorten wonden

Er zijn verschillende soorten wonden, met ieder een eigen behandeling en prognose voor de toekomst. Dit hangt ook af van de plaats van de wond en welke structuren er allemaal beschadigd zijn. Zeker als een gewricht of peesschede bij de wond betrokken is, is snelle specialistische hulp nood¬zakelijk om blijvende kreupelheid te voorkomen.
Oppervlakkige schaafwonden kunnen door de eigenaar/verzorger van het dier zelf schoongespoeld worden met leidingwater en worden behandeld met een goede wondzalf. Tegenwoordig wordt vaak honingzalf aangeraden vanwege de antibacteriële werking en het positieve effect op het herstel van de huid. Zelfs een klein schaafwondje op een onderbeen kan voor flinke zwelling zorgen. Het is dus zaak het been tweemaal daags te controleren en ook tweemaal daags de temperatuur op te nemen, zodat een eventuele infectie snel (h)erkend wordt. Als er veel zwelling optreedt, het been slechter belast wordt en/of er koorts gemeten is, is alsnog behandeling door een dierenarts noodzakelijk.
Voor (nagenoeg) alle andere wonden is behandeling door een dierenarts nodig. Tot de komst van de dierenarts kan de eigenaar/verzorger de wond spoelen met leidingwater dat in een zachte straal langs de wond stroomt. Als een wond erg bloedt, kan met schone (natte) handdoeken en een bandage een drukverband aangelegd worden. Houd er wel rekening mee dat een paard door angst en pijn anders kan reageren dan u gewend bent. Wees dus extra voorzichtig en zorg dat er altijd ruimte is om uit te wijken.

Hechten van de wond

Als het enigszins mogelijk is, zal een dierenarts de wond hechten. Hiervoor mag de wond liever niet ouder zijn dan 8 uur en mag er geen wondzalf, ontsmettingsmiddel, betadine of andere middelen op de wond zijn aangebracht. Dus altijd alleen schoonspoelen met leidingwater tot de dierenarts is geweest. Als een wond schoon is, niet erg oud en niet op een bewegend deel van het lichaam zit, is de kans groot dat de gehechte wond na 14 dagen weer is genezen met een heel klein litteken als gevolg. Dit noemen we genezing per primam. Als de wond vuil is, er spanning op de hechtingen staat, op een bewegend deel van het been zit of als er slechte doorbloeding is ter plaatse van de wond, is de kans groot dat een gehechte wond, meestal rond de 7de tot 10de dag, toch nog opengaat en de hechtingen loslaten. Hoewel dit soms al van tevoren is te voorspellen, zal door het hechten de wond die overblijft aanmerkelijk kleiner zijn dan de oorspronkelijke wond, en zal de genezing toch sneller en mooier gaan dan wanneer de wond helemaal niet gehecht zou zijn. Een wond die niet gehecht kan worden of waarvan de hechtingen zijn losgelaten, moet door het lichaam zelf gerepareerd worden. Dit noemen we genezing per secundam. Dit duurt altijd langer en geeft altijd een minder fraai litteken dan genezing per primam, maar helaas hebben we niet altijd een keuze. Of een wond gehecht wordt met hechtdraad of met nietjes hangt vooral af van de plek waar de wond zit. Als er spanning op de wond staat of als de wond op een bewegend deel zit, zal de dierenarts eerder voor hechtdraad kiezen, omdat hiermee meer trekkracht wordt verkregen om de wondranden bij elkaar te houden. Als de wond echter niet op een bewegend deel zit, bijvoorbeeld op het hoofd, kunnen nietjes worden gebruikt. Dit is sneller en geeft ook een mooi klein litteken bij genezing per primam.
Als het mogelijk is, zal de gehechte wond beschermd worden met een verband. Dit gaat zwelling tegen, vangt eventueel wondvocht op en vermindert beweging in het wondgebied. Na ongeveer 14 dagen mogen de hechtingen eruit. De dierenarts zal deze verwijderen en afhankelijk van het resultaat nog een eventuele vervolgbehandeling instellen met bijvoorbeeld wondzalf en/of verband en wonddressings.

Als er niet gehecht kan worden

Als een wond niet gehecht kan worden, omdat deze bijvoorbeeld te groot (weefselverlies), te vuil of te oud is, moet het lichaam zelf de wond repareren. Er ontstaat een ontstekingsreactie die het afgestorven weefsel opruimt en bacteriën aanvalt. Vervolgens wordt de wond opgevuld met granulatieweefsel. Dit is roze, vlezig, met vaak een wat bloemkoolachtige vorm. Als dit granulatieweefsel erg hard groeit, komt het boven de wondranden uit en spreken we van hypergranulatie of wildvlees. Dit remt de genezing van de wond, en moet door de dierenarts weggesneden worden. Het weefsel bloedt snel, maar is gevoelloos, dus het wegsnijden is meestal goed te doen zonder verdoving. De wond wordt kleiner in omvang door samentrekken van de wondranden en door aangroei van nieuwe huid aan de wond-randen. Dit is te zien als een roze randje aan de wondranden. De huid groeit ongeveer een millimeter per week, dus een grote wond heeft veel tijd nodig om te genezen. Bij de verschillende stadia van wondgenezing zijn er verschillende wonddressings die de wond schoonmaken, het granulatieweefsel stimuleren, wildvleesvorming remmen en aangroei van huid stimuleren. Door steeds een wonddressing te kiezen die past bij het stadium van de wond, wordt de genezing geoptimaliseerd. Hiervoor zal de dierenarts de wond regelmatig moeten controleren. Gedurende het helingsproces is het het best om het paard zo min mogelijk te laten bewegen als de wond op de benen zit. Beweging in het wondgebied vertraagt de genezing en stimuleert de groei van wildvlees.
Het genezingsproces van een wond kan erg lang duren, maar is zeker de moeite waard als het paard uiteindelijk weer goed kan functioneren. Geduld is ook hier een schone zaak.
Paardenbenen
Dit artikel is gepubliceerd in het vakblad Veehouder en Veearts.

Over de auteur: Jasper Lentz
Jasper Lentz (1989) is geboren in Hardenberg (Ov.) en is opgegroeid in het Drentse dorp Dalen. Na de studie Journalistiek is hij in 2013 aan...
Deel dit bericht: Facebook Twitter LinkedIn

Veehouder & Veearts volledige toegang

Nieuwsbrief Wilt u volledige toegang tot de website en het magazine thuis ontvangen? Neem dan contact op met uw dierenarts.